Eerste aanleg - enkelvoudig van Rechtbank Zutphen, 19 december 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:19 december 2012
Uitgevende instantie::Rechtbank Zutphen
SAMENVATTING

Tussenvonnis in zaak tussen Carwash Doetinchem en gemeente Doetinchem. Zie ook eerdere tussenvonnissen LJN BX4477 en BV3633.

 
GRATIS UITTREKSEL

vonnis

RECHTBANK ZUTPHEN

Sector Civiel – Afdeling Handel

zaaknummer / rolnummer: 104920 / HA ZA 09-970

Vonnis van 19 december 2012

in de zaak van

  1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

    CARWASH DE ACHTERHOEK B.V.,

    gevestigd te Doetinchem,

  2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

    AUTOSCHADE DE ACHTERHOEK B.V.,

    gevestigd te Doetinchem,

    eiseressen,

    advocaat mr. H.J. Breeman te Rotterdam,

    tegen

    de publiekrechtelijke rechtspersoon

    GEMEENTE DOETINCHEM,

    zetelend te Doetinchem,

    gedaagde,

    advocaat mr. K.A.M. van Os- ten Have te Zutphen.

    Partijen zullen hierna Carwash en Autoschade en de Gemeente genoemd worden.

  3. De procedure

    1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit:

    - het tussenvonnis van 1 augustus 2012 (hierna: het tussenvonnis)

    - de akte van Carwash en Autoschade van 29 augustus 2012

    - de akte na derde tussenvonnis van de Gemeente van 26 september 2012

    - de antwoordakte na derde tussenvonnis van Carwash en Autoschade van 24 oktober 2012

    - de antwoordakte na derde tussenvonnis van de Gemeente van 24 oktober 2012.

    1.2. Ten slotte is vonnis bepaald.

  4. De verdere beoordeling

    2.1. Bij het tussenvonnis heeft de rechtbank geoordeeld dat er aanleiding is om een deskundigenonderzoek te gelasten. Met het oog daarop zijn partijen in de gelegenheid gesteld om zich uit te laten over de wenselijkheid van een deskundigenbericht, het aantal en de persoon of personen van de te benoemen deskundige(n) en over de aan deze(n) te stellen vragen. Beide partijen hebben van deze gelegenheid gebruik gemaakt.

    2.2. Carwash en Autoschade hebben allereerst aangevoerd dat het feit dat het definitieve advies van de commissie waarnaar de Gemeente heeft verwezen ter onderbouwing van haar betwisting van het rapport Verhagen, geen reactie vormt op dit rapport, terwijl Verhagen op zijn beurt wel heeft gereageerd op het definitieve advies van de commissie, de conclusie rechtvaardigt dat het definitieve advies van de commissie niet kan dienen als weerlegging van het rapport van Verhagen en daarom geoordeeld moet worden dat de Gemeente haar betwisting onvoldoende heeft gemotiveerd. De rechtbank kan Carwash en Autoschade hierin niet volgen. Waar het in dit verband om gaat is niet wie als laatste zijn standpunt naar voren heeft gebracht, maar om de onderbouwing van de wederzijdse standpunten. Die onderbouwing is niet zodanig gebrekkig dat op voorhand aan een daarvan voorbij moet worden gegaan.

    2.3.Carwash en Autoschade hebben vervolgens benadrukt dat het van belang is dat een uit te brengen deskundigenbericht op korte termijn verschijnt. In de eerste plaats vanwege de tijd die al is verstreken na het schadeveroorzakende handelen. Ten tweede opdat het uit te brengen bericht nog een rol kan spelen in de ondertussen aanhangig gemaakte procedure bij de bestuursrechter, waarin het op het definitieve advies van de commissie stoelende besluit van de Gemeente van 10 mei 2012 over de te vergoeden schade veroorzaakt door Onttrekkingsbesluit II ter toetsing voorligt. Vanwege dit belang geven Carwash en Autoschade de voorkeur aan benoeming van één deskundige en wel aan mr. H.J.A. van Hoogmoed RT, beëdigd rentmeester RT te Nijverdal (hierna: mr. Van Hoogmoed). Aan deze deskundige moet naar de mening van Carwash en Autoschade de vraag worden voorgelegd of de berekening van...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT