Hoger beroep van Gerechtshof 's-Gravenhage, 19 december 2012

Spreker:gepubliceerd
Datum uitspraak:19 december 2012
Uitgevende instantie::Gerechtshof 's-Gravenhage
SAMENVATTING

Partneralimentatie. Behoefte, behoeftigheid, inkomensverlies en draagkracht.

 
GRATIS UITTREKSEL

GERECHTSHOF ’s-GRAVENHAGE

Sector Civiel recht

Uitspraak : 19 december 2012

Zaaknummer : 200.109.270/01

Rekestnummer rechtbank : F1 RK 10-2745

[de vrouw],

wonende te [woonplaats],

verzoekster, tevens incidenteel verweerster, in hoger beroep,

hierna te noemen: de vrouw,

advocaat mr. M.C. Carli-Lodder te 's-Gravenhage,

tegen

[de man],

wonende te [woonplaats],

verweerder, tevens incidenteel verzoeker, in hoger beroep,

hierna te noemen: de man,

advocaat mr. W.M. Smeets te Hellevoetsluis.

PROCESVERLOOP IN HOGER BEROEP

De vrouw is op 2 juli 2012 in hoger beroep gekomen van een beschik¬king van 3 april 2012 van de rechtbank Rotterdam.

De man heeft op 28 augustus 2012 een verweerschrift, tevens houdende incidenteel appel, ingediend.

De vrouw heeft op 8 oktober 2012 een verweerschrift op het incidenteel appel ingediend.

Bij het hof zijn voorts de volgende stukken ingekomen:

van de zijde van de vrouw:

- op 5 november 2012 een brief van 1 november 2012 met bijlagen;

van de zijde van de man:

- op 30 oktober 2012 een brief van 29 oktober 2012 met bijlagen;

- op 2 november 2012 een brief van diezelfde datum met bijlagen;

- op 5 november 2012 twee faxberichten van diezelfde datum met bijlagen.

De zaak is op 15 november 2012 mondeling behandeld.

Ter zitting waren aanwezig:

- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;

- de man, bijgestaan door zijn advocaat.

De advocaat van de vrouw en de advocaat van de man hebben ter zitting pleitnotities overgelegd.

PROCESVERLOOP IN EERSTE AANLEG EN VASTSTAANDE FEITEN

Voor het procesverloop en de beslissing in eerste aanleg verwijst het hof naar de bestreden beschikking en de tussenbeschikking van 25 juli 2011.

Bij tussenbeschikking van 25 juli 2011 is de echtscheiding tussen partijen uitgesproken en, voor zover thans van belang, ten laste van de man aan de vrouw een voorlopige uitkering tot levensonderhoud toegekend van € 2.001,- per maand, bij vooruitbetaling te voldoen voor het eerst op de dag dat de echtscheidingsbeschikking is of zal zijn ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand. Iedere verdere beslissing ten aanzien van de definitieve uitkering tot levensonderhoud van de vrouw is aangehouden.

Bij de bestreden beschikking is, voor zover thans van belang, met ingang van 3 april 2012 ten laste van de man aan de vrouw een uitkering tot levensonderhoud toegekend van € 1.776,- per maand, telkens bij vooruitbetaling te voldoen. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Het hof gaat uit van de door de rechtbank vastgestelde feiten, voor zover daartegen in hoger beroep niet is opgekomen.

BEOORDELING VAN HET PRINCIPALE EN HET INCIDENTELE HOGER BEROEP

  1. In geschil is de door de man te betalen uitkering tot levensonderhoud voor de vrouw, hierna ook partneralimentatie.

  2. De vrouw verzoekt het hof de bestreden beschikking ten aanzien van de beslissing om met ingang van 3 april 2012 ten laste van de man aan de vrouw een uitkering tot levensonderhoud toe te kennen van € 1.776,- per maand te vernietigen en, na de zaak in volle omvang te hebben bezien, opnieuw beschikkende, uitvoerbaar bij voorraad, de door de man aan de vrouw te betalen bijdrage in haar levensonderhoud met ingang van 3 april 2012 te bepalen op een bedrag groot € 7.500,- per maand, telkens bij vooruitbetaling te voldoen, dan wel een bijdrage te bepalen als het hof in redelijkheid meent te behoren.

  3. De man verweert zich daartegen en verzoekt het hof, uitvoerbaar bij voorraad voor zover de wet dit toelaat:

    in principaal appel

    de vrouw in haar verzoeken niet-ontvankelijk te verklaren, dan wel deze af te wijzen als ongegrond, dan wel niet bewezen, althans een zodanige beschikking te wijzen als het hof in goede justitie zal vermenen te behoren;

    in incidenteel appel

    de bestreden beschikking ten aanzien van de beslissing om met ingang van 3 april 2012 ten laste van de man aan de vrouw een uitkering tot levensonderhoud toe te kennen van € 1.776,- per maand te...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT