Uitspraak Nº 18/5596 WIA. Centrale Raad van Beroep, 2020-12-31

CourtCentrale Raad van Beroep (Nederland)
Docket Number18/5596 WIA
ECLIECLI:NL:CRVB:2020:3481
18 5596 WIA

Datum uitspraak: 31 december 2020

Centrale Raad van Beroep

Enkelvoudige kamer

Uitspraak op het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Limburg van 20 september 2018, 17/2807 (aangevallen uitspraak)

Partijen:

[appellante] te [woonplaats] (appellante)

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (Uwv)

PROCESVERLOOP

Namens appellante heeft mr. M.N. van Geenen, advocaat, hoger beroep ingesteld.

Het Uwv heeft een verweerschrift ingediend.

Partijen hebben nadere stukken ingestuurd.

Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 19 november 2020. Appellante is verschenen, bijgestaan door mr. Geenen en tolk H.P. Vuijk. Het Uwv heeft zich via videobellen laten vertegenwoordigen door mr. R. Bastings-Vangangelt.

OVERWEGINGEN
1.1.

Appellante is sinds 1 januari 2012 werkzaam geweest als assemblagemedewerker voor

20 uur per week. Daarnaast ontving zij een uitkering op grond van de Werkloosheidswet. Op 27 maart 2012 heeft appellante zich ziek gemeld.

1.2.

Bij besluit van 13 februari 2014 heeft het Uwv geweigerd appellante met ingang van 25 maart 2014 een WIA-uitkering toe te kennen, omdat de mate van haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% is. Het daartegen gemaakte bezwaar heeft het Uwv bij de beslissing op bezwaar van 15 augustus 2014 ongegrond verklaard. Het daartegen ingestelde beroep is door de rechtbank op 5 maart 2015 ongegrond verklaard. In hoger beroep heeft de Raad de uitspraak van de rechtbank op 26 oktober 2016 (ECLI:NL:CRVB:2016:4102) bevestigd.

1.3.

Naar aanleiding van de melding van appellante op 21 november 2016 aan het Uwv dat

haar gezondheidstoestand vanaf 1 maart 2014 is verslechterd, heeft appellante op 25 januari 2017 het spreekuur bezocht van een verzekeringsarts. Deze arts heeft vastgesteld dat vanaf 1 juli 2015 sprake is van toegenomen beperkingen van voornamelijk fysieke aard. Hij heeft appellante per 1 juli 2015 belastbaar geacht met inachtneming van de beperkingen die hij heeft neergelegd in een Functionele Mogelijkhedenlijst (FML) van 1 februari 2017. In de FML zijn beperkingen opgenomen voor trillingsbelasting en dynamische en statische houdingen. Een arbeidsdeskundige heeft vervolgens functies geselecteerd en op basis van de drie functies met de hoogste lonen de mate van arbeidsongeschiktheid vastgesteld op 0,00%.

1.4.

Bij besluit van 15...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT