Uitspraak Nº 200.276.273_01. Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 2020-07-30

Datum uitspraak:30 juli 2020
Uitgevende instantie::Gerechtshof 's-Hertogenbosch
 
GRATIS UITTREKSEL

GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH

Team familie- en jeugdrecht

Uitspraak : 30 juli 2020

Zaaknummer : 200.276.273/01

Zaaknummer 1e aanleg : C/01/354784 / JE RK 20-98

in de zaak in hoger beroep van:

[de moeder] ,

wonende te [woonplaats] ,

appellante,

hierna te noemen: de moeder,

advocaat: mr. J.E. Kötter,

tegen

Raad voor de Kinderbescherming,

regio Noord- en Zuidoost-Brabant,

locatie [locatie] ,

verweerder,

hierna te noemen: de raad.

Deze zaak gaat over: [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2018 te [geboorteplaats] .

Als belanghebbenden worden aangemerkt:

[de vader] ,

wonende te [woonplaats] ,

hierna te noemen: de vader,

Stichting Jeugdbescherming Brabant,

gevestigd te [vestigingsplaats] , locatie [locatie] ,

hierna te noemen: de Gecertificeerde Instelling (de GI).

1 Het geding in eerste aanleg

Het hof verwijst voor het verloop van het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Oost-Brabant, van 6 februari 2020.

2 Het geding in hoger beroep
2.1.

Bij beroepschrift van 24 maart 2020, met producties, ingekomen bij het hof op 25 maart 2020, heeft de moeder verzocht voormelde beschikking te vernietigen ten aanzien van de ondertoezichtstelling, subsidiair te bepalen dat deze enkel zal gelden voor de maximale duur van zes maanden, meer specifiek van 6 februari 2020 tot 6 augustus 2020.

2.2.

Bij verweerschrift van 27 mei 2020, met producties, ingekomen bij het hof op 28 mei 2020, heeft de GI verzocht de bestreden beschikking in stand te laten.

2.3.

Bij verweerschrift van 29 mei 2020, ingekomen bij het hof op diezelfde datum, heeft de raad verzocht de bestreden beschikking in stand te laten.

2.4.

Het hof heeft voorts kennisgenomen van de inhoud van:

- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling in eerste aanleg op 6 februari 2020,

ingekomen bij het hof op 6 mei 2020.

2.5.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 9 juli 2020. Bij die gelegenheid zijn gehoord:

- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;

- de vader;

- de raad, vertegenwoordigd door [vertegenwoordiger van de raad] ;

- de GI, vertegenwoordigd door [vertegenwoordiger van de GI 1] en [vertegenwoordiger van de GI 2] .

3 De beoordeling
3.1.

De moeder en de vader zijn de ouders van:

- [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2018 te [geboorteplaats] (hierna te noemen...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT