Uitspraak Nº 8268458. Rechtbank Rotterdam, 2020-07-31

Datum uitspraak:31 juli 2020
 
GRATIS UITTREKSEL
RECHTBANK ROTTERDAM

zaaknummer: 8268458 VZ VERZ 20-464

uitspraak: 31 juli 2020

beschikking ex artikel 5:91 lid 4 BW van de kantonrechter, zitting houdende te Rotterdam

in de zaak van

de besloten vennootschap Stedin Netten B.V.,

gevestigd te Rotterdam,

verzoekster,

gemachtigde: mr. J.A.M.A. Sluysmans,

tegen

de Gemeente Rotterdam,

gevestigd te Rotterdam,

verweerster,

gemachtigde: mr. J.P. van der Valk,

en

als belanghebbende

de besloten vennootschap Qidev B.V.,

gevestigd te Rotterdam en kantoorhoudende te Dordrecht,

gemachtigde: mr. A.A.M. Simons.

Partijen worden hierna aangeduid als “Stedin”, “de gemeente” en “Qidev”.

1. Het verloop van de procedure

De kantonrechter heeft kennis genomen van de volgende processtukken:

- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen ter griffie op 15 januari 2020;

- het verweerschrift met bijlagen, binnengekomen ter griffie op 28 mei 2020;

- de fax d.d. 20 mei 2020, met één productie van Stedin;

- de pleitnota van Stedin;

- de pleitaantekeningen van Qidev.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 5 juni 2020. Namens Stedin is de heer [naam persoon 1] (specialist grondzaken) verschenen, bijgestaan door de gemachtigde. Namens Qidev is de heer [naam persoon 2] (projectleider) verschenen, bijgestaan door de gemachtigde. Namens de gemeente zijn de heren [naam persoon 3] en [naam persoon 4] verschenen, bijgestaan door de gemachtigde.

Van het ter zitting verhandelde heeft de griffier aantekeningen gehouden.

De kantonrechter heeft de uitspraak (nader) bepaald op heden.

2. De vaststaande feiten

In het kader van de onderhavige procedure kan van de volgende vaststaande feiten worden uitgegaan.

2.1

De gemeente is eigenaar van het aan Stedin in erfpacht uitgegeven perceel grond met opstallen, bestaande uit het [naam object 1] , staande en gelegen aan de [adres] te Rotterdam, kadastraal bekend als gemeente Rotterdam, sectie [sectie] , nummer [nummer] (hierna: het erfpachtrecht op de locatie).

2.2

Dit erfpachtrecht op deze locatie maakt deel uit van in totaal 42 percelen grond (met opstallen) die bij notariële akte van 11 november 1992 (hierna: de erfpachtakte) aan de rechtsvoorganger van Stedin in erfpacht zijn uitgegeven.

2.3

In artikel 2 van de erfpachtakte is bepaald dat de erfpachter verplicht is – kort samengevat – tot het op een betrouwbare wijze zorgdragen voor het transport, distributie en verkoop van energie, tegen zo laag mogelijke kosten op een maatschappelijke verantwoorde wijze. Een wijziging van bestaande bebouwing is toegestaan mits de bebouwing blijft binnen de bestemmingscategorie als bedrijfsterrein. Ingeval een wijziging geschiedt boven een bepaalde grens zal de gemeente daaraan financiële voorwaarden kunnen verbinden.

2.4

De 42 percelen grond werden uitgegeven voor een periode van 99 jaar, ingaande op 1 juli 1992 en eindigend op 30 juni 2091. Op de erfpachtrechten zijn de Algemene Bepalingen voor de uitgifte in erfpacht van onroerend goed van de gemeente Rotterdam in beheer bij het Gemeentelijk Grondbedrijf van toepassing verklaard, neergelegd in een akte van 1 juli 1988 (hierna: de Algemene Bepalingen).

2.5

Op grond van artikel 16.1 onder d van die Algemene Bepalingen is de erfpachter verplicht het onroerend goed aan te wenden overeenkomstig de bestemming die en het gebruik dat is voorgeschreven in de erfpachtakte.

2.6

Artikel 19 van de Algemene Bepalingen is bepaald dat de erfpachter voor vervreemding van het erfpachtrecht op de locatie de voorafgaande schriftelijke toestemming van burgemeester en wethouders nodig heeft.

2.7

Stedin heeft het erfpachtrecht op de locatie tot 2006 gebruikt als hoogspanningsstation. Het hoogspanningsstation is inmiddels al geruime tijd buiten gebruik. Het erfpachtrecht op de locatie zal niet meer worden gebruikt voor transport, distributie en verkoop van energie.

2.8

Op 13 september 2017 is tussen Stedin en Qidev B.V. (hierna: Qidev) een koopovereenkomst gesloten inzake de koop en verkoop van het erfpachtrecht en opstalrecht gevestigd op de locatie. Voor de overdracht van dit recht van erfpacht is toestemming van de gemeente nodig. Op 20 december 2017 heeft Stedin daartoe een verzoek ingediend.

2.9

Bij brief van 6 juni 2019 heeft de gemeente besloten om Stedin geen toestemming te verlenen voor overdracht van het erfpacht- en opstalrecht aan Qidev B.V. De gemeente heeft voor deze afwijzing het volgende aangevoerd: 1) er is sprake van een recht van eerste koop van de gemeente; 2) Qidev zal het erfpachtrecht aanwenden voor een afwijkende bestemming (namelijk: het ontwikkelen van bouwprojecten ten behoeve van bewoning in plaats van transport, distributie en verkoop van energie) en dus in strijd met de huidige erfpachtvoorwaarden handelen; 3) een overdracht past niet binnen de globale toekomstplannen die de gemeente met betrekking tot het algehele gebied heeft.

3. Het verzoek van Stedin en de grondslag daarvan

Stedin verzoekt de kantonrechter bij beschikking, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad te verklaren, een vervangende machtiging ex artikel 5:91 lid 4 BW te verlenen voor haar voorgenomen overdracht van het erfpachtrecht gevestigd op de onroerende zaak, plaatselijk bekend [adres] te Rotterdam, kadastraal bekend gemeente Rotterdam [naam afdeling] , sectie [sectie] , nummer [nummer] aan Qidev, zulks ingevolge de koopovereenkomst van 13 september 2017.

3.1

Ter onderbouwing van haar verzoek heeft Stedin – zakelijk en verkort weergegeven – het volgende ten grondslag gelegd.

3.1.1

De gemeente heeft de toestemming zonder redelijke gronden geweigerd. De genoemde redenen voor weigering voldoen niet aan artikel 5:91 lid 4 BW, omdat zij ondeugdelijk en onredelijk zijn, mede in het licht van de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

3.1.2

De gemeente heeft geen recht van eerste koop ten aanzien van het erfpachtrecht op de locatie.

3.1.3

Het is op zichzelf juist dat koper Qidev het erfpachtrecht op de locatie op termijn op een andere wijze wil gebruiken dan de erfpachtvoorwaarden thans toestaan. Feit is evenwel dat Qidev nadrukkelijk heeft gekocht met inachtneming van de bestaande voorwaarden en mogelijkheden van het erfpachtrecht op de locatie. De overdracht van Stedin aan Qidev staat los van een eventuele wens van Qidev tot wijziging van de bestemming. Een mogelijk toekomstig verzoek tot bestemmingswijziging is geen redelijke grond om toestemming voor overdracht van het erfpachtrecht te weigeren.

3.1.4

Het bestaan van de gemeentelijke ‘plannen’ levert geen redelijke grond op om toestemming voor overdracht te weigeren. Niet valt in te zien waarom de voorgenomen overdracht aan Qidev frustreert. Qidev is bereid om des verzocht uitvoering te geven aan de gemeentelijke plannen inzake woningbouw.

3.1.5

Bij de hantering van de weigeringsgronden heeft de gemeente bovendien gehandeld in strijd met algemene beginselen van behoorlijk...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT