Uitspraak Nº 8485088 EA VERZ 20-307. Rechtbank Amsterdam, 2020-07-29

Datum uitspraak:29 juli 2020
Uitgevende instantie::Rechtbank Amsterdam
 
GRATIS UITTREKSEL

RECHTBANK AMSTERDAM

Afdeling privaatrecht

zaaknummer: 8485088 EA VERZ 20-307

beschikking van: 29 juli 2020

beschikking van de kantonrechter

I n z a k e

[verzoekster]

wonende te [woonplaats]

verzoekster

nader te noemen: [verzoekster]

gemachtigde: D.A.S Nederlandse Rechtsbijstand Verzekeringsmaatschappij N.V.

t e g e n

de besloten vennootschap Albron Nederland B.V.

gevestigd te De Meern

verweerster

nader te noemen: Albron

gemachtigde: mr. H.B. Dekker

VERLOOP VAN DE PROCEDURE

[verzoekster] heeft een verzoek gedaan om ten laste van Albron een billijke vergoeding toe te kennen.
Albron heeft een verweerschrift ingediend.

Voorafgaand aan de mondelinge behandeling heeft Albron de kantonrechter laten weten dat zij wenst te beschikken over een door [verzoekster] gemaakte geluidsopname van een gesprek tussen [verzoekster] en [naam 1] . [verzoekster] heeft daarop de geluidsopname ter beschikking gesteld en nog stukken ingediend.

Op 2 juli 2020 is de zaak mondeling behandeld. [verzoekster] is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Voor Albron zijn verschenen [naam 1] , manager, en [naam 2] , HR manager, bijgestaan door haar gemachtigde. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen ter toelichting van hun standpunten naar voren hebben gebracht.

Nadat partijen na afloop van de mondelinge behandeling vergeefs hebben getracht tot een minnelijke regeling te komen, is beschikking bepaald op heden.

Feiten

1. Als gesteld en niet (voldoende) weersproken staat het volgende vast.

1.1.

Albron is een cateringbedrijf.

1.2.

[verzoekster] , geboren [geboortedatum] , is op 1 augustus 2018 voor bepaalde tijd in dienst getreden bij Albron, voor 25 uren per week, met een maximum van 30 uren per week. De arbeidsovereenkomst, die duurde tot en met 28 februari 2019 is twee keer verlengd: van 1 maart 2019 tot en met 31 augustus 2019 en van 1 september 2019 tot en met 31 januari 2020.

1.3.

De functie die [verzoekster] vervulde, is die van regiobeheerder, met een salaris van € 12,38 bruto per uur, exclusief vakantietoeslag.

1.4.

In de schriftelijke arbeidsovereenkomst is opgenomen dat [verzoekster] op verschillende locaties voor diverse werkzaamheden kan worden ingezet, waarbij de dagen waarop zij moet werken door de leidinggevende in overleg met haar zoveel mogelijk periodiek worden vastgesteld.

1.5.

Op 21 augustus 2018 heeft [verzoekster] zich ziek gemeld. Er is een probleemanalyse gemaakt waarin staat dat [verzoekster] als gevolg van haar zwangerschap beperkingen heeft, die naar verwachting zullen toenemen naar gelang de zwangerschap vordert. Zij kan niet haar eigen werkzaamheden maar wel passende arbeid verrichten.

1.6.

Op 14 november 2018 is voor [verzoekster] een Plan van aanpak opgesteld: per 12 november 2018 zal zij 5 x 3,5 uur werkzaam zijn in passende werkzaamheden.

1.7.

[verzoekster] is vanaf 29 november 2018 op een vaste locatie ingezet.

1.8.

Naar aanleiding van een aanpassing van de probleemanalyse heeft [verzoekster] gedurende drie dagen per week, twee uur per dag, voornamelijk zittend aangepast werk verricht.

1.9.

Op 22 februari 2019 is het zwangerschapsverlof van [verzoekster] gestart. Het bevallingsverlof is op 14 juni 2019 geëindigd. Daarna heeft [verzoekster] aanvankelijk 5 uur en per 11 november 2019 15 uur per week ouderschapsverlof opgenomen. Zij heeft haar werkzaamheden in haar eigen functie...

Om verder te lezen

PROBEER HET UIT